Raphaël Gallis

Gekleurde werkelijkheid

Stel je loopt op één van je buitenlandse reizen in de Hermitage in Sint-Petersburg rond en opeens bevindt je je in een zuilengalerij waarvan je de prenten en de verhalen heel goed kent. Het overkwam Raphaël Gallis toen hij in de Hermitage liep en de Hollandse meesters bewonderde. Ineens stond hij in een perfect nagebouwde kopie van de loggia van Rafaël; een indrukwekkende zuilengalerij met prachtige fresco’s en rijk gedecoreerde zuilen uit de Renaissance. De loggia waarvan de prenten met ingekleurde zuilen zoveel herinneringen bij hem opriepen. ‘Het was bizar om daar zo rond te lopen, waanzinnig gewoon! Ik kende de prenten met de gedecoreerde zuilen. En hier zag ik ze in volle glorie met ornamenten en de kleurrijke fresco’s van bijbelse taferelen op het plafond.’

Thuis in de prentkunst

Als kind was het voor hem de gewoonste zaak om z’n moeder aan het werk te zien temidden van prenten. ‘Ik weet niet beter of als ik thuiskwam van school, dan was mijn moeder aan het inkleuren.’ 
Zijn moeder was inkleurster van oude prenten bij het prentenantiquariaat van Hans Marcus. Op een gegeven moment kreeg zij de prenten van de loggia van Rafaël om in te kleuren, met als voorbeeld een set uitbundig versierde zuilen. Deze set vond ze geweldig mooi en toen ze klaar was vroeg ze Hans wat die set moest kosten. Hij zei: ‘Je mag ze hebben.’ Zodoende hingen enkele schitterende prenten in de woonkamer van zijn ouderlijk huis.

Indrukwekkend boek

Nu hij de loggia van Rafaël in volle glorie had ervaren, wilde Raphaël er meer over weten. Na enig speurwerk kwam hij uit bij het Allard Pierson, waar een compleet niet ingekleurd prentenboek van Rafaël aanwezig is. Raphaël nam contact op met het Allard Pierson en ontdekte dat daar veel kennis is over prentkunst. Door zijn zoektocht had hij ontdekt dat er een ingekleurd exemplaar te koop was bij een kunsthandelaar in New York. Met het vooruitzicht dat hij het boek (na zijn dood) zou schenken aan het Allard Pierson, kreeg hij expertise en begeleiding bij de aankoop. In New York ontmoet hij de kunsthandelaar en ziet het gedroomde boek. ‘Het is een pracht exemplaar, gedrukt met gele inkt, wat vrij bijzonder is’, vertelt Raphaël enthousiast. ‘Bovendien blijkt dat het contemporain is ingekleurd, dus in de periode dat de boeken zijn gedrukt, zo rond 1776-1778.’

Fellowship voor de prentkunst

Als het boek eenmaal thuis arriveert, vindt Raphaël dit waardevolle boek eigenlijk te kwetsbaar om zomaar dagelijks te bekijken. In het museum is het beter op z’n plaats, waar het geconditioneerd kan worden opgeslagen en beheerd. Tussen hem en het Allard Pierson is daarom overeengekomen dat hij het boek al bij leven schenkt. Vervolgens is het idee geopperd om een fellowship in te stellen zodat er meer onderzoek mogelijk is naar het boek en soortgelijke prentkunst. Dit voorstel omarmden Raphaël en zijn partner Annemarie en zij stelden het Euphemia fellowship voor prentkunst vóór 1800 in. De naam Euphemia verwijst naar zijn moeder, naar een idee van Annemarie. ‘De verdienste van het Allard Pierson is dat het instituut gelieerd is aan de universiteit, waardoor wetenschappelijk onderzoek mogelijk is. Dat is een groot voordeel. Het heeft mij bijvoorbeeld geleerd dat de inkleuring contemporain is.’ 

Inmiddels is een tweede fellow bezig met onderzoek, wat hem naast leuke contacten ook meer kennis oplevert over dit boek. ‘Er is nog genoeg uit te zoeken, en dat maakt het voor mij zo interessant om bij leven te schenken’, aldus Raphaël. Bovendien vinden hij en zijn partner het waardevol om kunst en objecten terug te geven aan het publieke domein, zodat het toegankelijk is voor iedereen. Het Allard Pierson is op zijn beurt verguld met deze kleurrijke schenking, die een bijzondere aanwinst is voor het museum en de wetenschap.