Onderzoek: Het Elogios (1656): martelaarsverhalen in de Sefardische diaspora
Als Dr. Henriëtte Boas Fellow doet Victor Tiribás onderzoek naar Elogios… a la felice memoria de Abraham Nuñez Bernal (1656), een bloemlezing van gedichten en poëzie ter ere van twee joodse martelaren die door de Spaanse Inquisitie werden verbrand. Het boek, clandestien gedrukt in Amsterdam, bracht vijfentwintig auteurs uit ondergrondse literaire kringen uit Amerika, Europa en het Middellandse Zeegebied bijeen. Door het Elogios met andere bronnen te vergelijken, reconstrueert Victor de gebeurtenissen die tot de bundel leidden en volgt hij de productie en receptie ervan binnen de Sefardische diaspora. Daarbij komt de wisselwerking tussen waarheid en fictie in vroegmoderne martelaarsverhalen naar voren. In het Allard Pierson richt het onderzoek zich op de materialiteit van het Elogios en de intertekstuele verbanden met de Spaanse Gouden Eeuw, de joodse poëzie en de Klassieke traditie. Het project zal resulteren in een publicatie die de eerste cultuurgeschiedenis van de Sefardische diaspora vanuit de marge presenteert en de rol van een vergeten groep joodse dissidenten op de Verlichting zichtbaar maakt.
Fellow
Victor Tiribás is historicus gespecialiseerd in vroegmoderne intellectuele en culturele geschiedenis, met een focus op boekgeschiedenis en religieuze dissidentie binnen de Sefardische diaspora. Na zijn promotie aan de Scuola Normale Superiore, was hij als fellow verbonden aan Harvard University, het Museum of Fine Arts in Boston en Princeton University. Zijn onderzoek is gepubliceerd in gespecialiseerde tijdschriften zoals de Jewish Quarterly Review en de Kroniek van het Rembrandthuis. Bij het Allard Pierson zal Victor werken aan zijn boekmanuscript over martelaarschap, poëzie en herinnering in de Sefardische diaspora.
